titelbalk_type_1

 

 

PROTEST

Bron: Stoomtram Documentatie Centrum

 

NIET IEDEREEN LEGT ZICH NEER BIJ OPHEFFING BELLO

Al in de jaren 1930 delen de Nederlandse Spoorwegen (de NS is eigenaresse van de tramlijn van Alkmaar naar Bergen aan Zee) mee, dat de tramlijn te zeer verliesgevend is, en dat sluiting wordt overwogen. Na de oorlog herhaalt NS deze mededeling. Op zich niets nieuws; de meeste secundaire railverbindingen zijn voor NS al decennialang verlieslatend. Op de één na de andere lokaalspoorlijn en tramlijn wordt sinds de jaren 1930 de dienst gestaakt; in ieder geval de passagiersdienst.

COMITÉ VAN ACTIE

Meestal legt de plaatselijke bevolking zich daar zonder al teveel morren bij neer en wordt de laatste trein en tram, met dank voor bewezen diensten, met meer of minder feest en weemoed uitgeleide gedaan.
Zo niet in Bergen, waar in 1950 een "Comité van Actie" wordt opgericht, dat met hand en tand tegen de opheffing van de tram protesteert. Het iniatief gaat uit van de VVV en de Bergense ondernemers, die het belang van de railverbinding voor het toerisme benadrukken. Maar ook beroemde kunstenaars als Charley Toorop, Adriaan Roland Holst, Matthieu Wiegman, Friso ten Holt en schrijver-journalist Anthony van Kampen maken deel uit van het comité. Bergen is immers een echte kunstenaarskolonie.

BIJNA IEDEREEN VÓÓR BEHOUD

Er wordt een volkstemming georganiseerd, waarbij 96% van de bevolking zich vóór het behoud van de tram uitspreekt; bijna iedereen dus. Maar ook is bijna iedereen het er over eens, dat de ouderwetse stoomtram dan het veld zal moeten ruimen voor moderne dieseltram of zelfs een elektrische tram.
Bijna vijf jaar lang zien we diverse plannen voorbij komen, een zwalkend gemeentebestuur dat duidelijk met de kwestie in z'n maag zit en ruzie met NS, waar directeur Den Hollander plannen gemaakt Interesant is daarbij dat de plaatselijke bevolking, die zo vóór het behoud van de tram lijkt te zijn, die tram zelf nauwelijks meer gebruikt. Zijn in de zomermaanden trams met acht rijtuigen geen uitzondering, in de wintermaanden volstaat één rijtuig dikwijls. Na 1950 rijdt er 's winters dan ook geen tram meer, maar een bus.
Veel baat de volksstemming niet; er wordt nog vijf jaar over gesoebat, maar daarna wordt in 1955 de tramdienst alsnog door een volledige autobusdienst vervangen.

vervolg >>

 

over het VMM | nationaal register mobiel erfgoed | © 2008